De laatste 5 minuten van Bas (Een terugblik op de podcast De eerste 5 minuten)
“Dat was gewoon in een vergadering met het team, en toen zei ik: kunnen we niet een podcast maken?” vertelt Bas van den Broeke (casemanager bij Fact Osdorp), terugblikkend op het ontstaan van De eerste 5 minuten.
Wat begon als een andere manier om nieuwe collega’s te werven en te laten zien wat het werk op de gesloten afdeling inhoudt groeide uit tot een podcastreeks met twintig afleveringen, tientallen gesprekken en openhartige verhalen. Vanuit Studio Westerpoort in Bennebroek lieten cliënten, collega’s en ervaringsdeskundigen de psychiatrie van binnenuit horen.
Nu Bas zich voorbereidt op een nieuwe stap – de opleiding tot Verpleegkundig Specialist – komt er een einde aan de podcast. In dit slotverhaal kijkt hij terug op het ontstaan van De eerste 5 minuten, wat de serie hem persoonlijk heeft gebracht en welke afleveringen hem het meest zijn bijgebleven.
Een idee aan de vergadertafel
Het begon praktisch: of iemand nog ideeën had om mensen te werven. “Toen zei ik: kunnen we niet een podcast maken? Dan kun je goed uitleggen wat voor werk we doen en krijgen mensen een ander beeld van de gesloten afdeling,” vertelt Bas. “Mijn manager vond dat een goed idee en zoals dat dan vaker gaat als iemand met een goed idee komt, ben jij degene die het uitvoert.”
Bas had nog nooit een podcast gemaakt, maar besloot het gewoon te proberen. Hij kocht met weinig budget een klein mengpaneel en twee eenvoudige microfoons. Samen met zijn manager Fedde ging hij in een kamertje zitten om te kijken wat er zou gebeuren als ze gewoon begonnen met opnemen. Dat werd de allereerste aflevering: een gesprek over de gesloten afdeling, het werk dat daar gedaan wordt en wie de mensen zijn die er werken.
Die eerste publicatie voelde spannend, maar de reacties waren positief. Collega’s luisterden en herkenden hun werk in de verhalen. Vervolgens groeide dat steeds professioneler uit. Het gebruik van een complete studio op Westerpoort en hulp van vrijwillig geluidstechnicus Carlo Bodde ging de kwaliteit merkbaar omhoog. “Die eerste podcasts klinken nog wat krakerig, de latere zijn echt al van veel betere geluidskwaliteit. Het had nog veel professioneler gekund, maar mijn doel was vooral: een goed inhoudelijk gesprek voeren dat toegankelijk is.”
Een sneeuwbal effect aan verhalen
“Als ik terugkijk, is het heel goed bruikbaar voor mensen die in de ggz willen werken en daar nog niet veel vanaf weten,” zegt Bas. Belangrijk voor Bas was dat de podcast een ander beeld zou laten zien dan wat je vaak in het nieuws ziet. “In de media gaat het vaak over incidenten, agressie, wachttijden. Je leest zelden iets over de mensen die er werken en waarom ze dat werk zijn gaan doen. Met de podcast wilde ik laten zien: er zitten óók heel betrokken, gedreven mensen achter die zorg.”
Gasten vinden ging verrassend organisch. Soms liep Bas iemand op de afdeling tegen het lijf waarvan hij dacht: jij weet hier veel van, dit is interessant voor een podcast. “Bijna iedereen zei eerst: ‘Dat is niks voor mij, ik weet niet of ik dat durf.’ Bas stelde gasten gerust: het is geen examen, maar een gesprek over werk dat ze goed kennen en belangrijk vinden. Later begonnen mensen zichzelf en hun collega’s aan te dragen. Zo ontstond een mooie mix met verschillende perspectieven. Bas blikt terug op 5 fragmenten die hem bijblijven:
“Martine is patiënt op Westerpoort en ze kan heel goed vertellen over haar ervaringen in de ggz. Ze is heel open en direct en in de podcast legt ze mooi uit wat haar tijdens moeilijke momenten in haar leven heeft geholpen. Zo vertelt ze bijvoorbeeld dat ze tijdens een gedwongen opname in de separeer belandde en dat dat haar rust en veiligheid bracht: Voor sommige mensen is de separeer een uitlaatklep.”
“Nikander werkt als psychiater op de High Care van DNV en is ook Geneesheer-directeur. Ik heb veel met hem samengewerkt toen ik zelf nog in de kliniek werkte en hij is ook een trouwe luisteraar van de podcast. In de podcast geeft hij aan dat hij de laatste jaren aan het terugblikken is op zijn carrière en zichzelf de vraag stelt of hij mensen nu echt heeft geholpen. Ik vind dat een mooie en eerlijke reflectie.”
“Liam is een prachtige kerel. Hij verbleef lange tijd op locatie Westerpoort en woont nu bij Zorgbalans, ook in Bennebroek. Hij wilde heel graag geïnterviewd worden voor de podcast. Het gesprek gaat alle kanten op en is soms moeilijk te volgen. Maar het geeft een goed beeld van wie Liam is en hoe zijn denkproces werkt en tussen de regels door zegt hij hele wijze dingen. Zo zegt hij: Op een gegeven moment ben ik allemaal dingen gaan bedenken om mijn leven weer een succes te laten worden.”
“Kees was lange tijd beheerder groen- en tuinonderonderhoud op o.a. locatie Westerpoort. Ik zag hem altijd druk in de weer buiten op de grasmaaier en ik wist dat hij al lange tijd meeliep op het terrein. We hebben toen samen een aflevering opgenomen, al lopend in het bos rondom Westerpoort. Ik heb van alles geleerd over korstmos en libellen en tegelijk vertelt Kees heel mooi over een stukje geschiedenis van het oude Vogelenzang.”
“Ik heb Merel ontmoet via de podcast en sinds de opname zijn we goed bevriend geraakt. Merel werkt op locatie Hilligaertstraat bij Fact Buitenveldert- Stadionbuurt en vertelt heel bevlogen over haar werk bij het Fact en hoe mooi het is om de geest van een ander mens te mogen ontdekken. Ik kan dat natuurlijk alleen maar beamen.”
Wat Bas misschien wel het mooiste vond, was het effect op de gasten zelf. “Je zet iemand echt in het zonnetje,” zegt hij. “Collega’s kregen reacties, cliënten waren trots dat hun verhaal er mocht zijn. Dat doet iets met mensen.”
Een toekomst vol verhalen
Bas is dankbaar voor de vrijheid die hij kreeg. “Ik ben er supervrij in gelaten,” zegt hij. “Eerst samen met Fedde, later helemaal alleen. Het mocht gewoon bestaan zoals het was. Dat vond ik te gek.”
Hoewel de podcast nu stopt, hoopt Bas dat er volop aandacht blijft voor het vertellen van verhalen. “Ik denk dat er eindeloos veel verhalen zijn – van medewerkers en van cliënten – en die móéten verteld worden.” zegt hij.





