Afscheidsrede van Aartjan Beekman: Een leven lang verwondering in de psychiatrie
Op donderdag 11 december nam Aartjan Beekman afscheid als hoogleraar psychiatrie. Zijn lange carrière bij de Valeriuskliniek en VUmc/Amsterdam UMC hebben een stempel gedrukt op de Amsterdamse psychiatrie. Zijn bijdrage aan de academische psychiatrie is van grote waarde geweest. Hij hield zijn afscheidsrede, getiteld: “Proactieve Psychiatrie: over Vrijheid, Verwondering en Verandering”.
Een thuisbasis in Amsterdam
Ruim 40 jaar geleden begon Beekman als student geneeskunde bij de VU, een keuze die niet vanzelfsprekend was. Zijn jeugd in Zuid-Afrika maakte hem nieuwsgierig naar politiek en geschiedenis, maar op advies van zijn vader koos hij toch voor de geneeskunde. Zijn carrière begon in 1985 als arts–assistent bij de Valeriuskliniek. Na zijn opleiding kreeg hij zo’n goed aanbod van Willem van Tilburg dat hij niet kon weigeren: een dubbele aanstelling, ’s ochtends op de acute psychiatrie afdeling, ’s middags onderzoek doen.
Epidemiologie
Beekman begon zijn promotieonderzoek in 1991 bij LASA: een longitudinale studie naar veroudering in Nederland. Zo’n grote epidemiologische studie vond Beekman erg interessant, maar hij zegt ook: “Ik wist echt niks van de epidemiologie, maar was enorm enthousiast”. Onder leiding van Willem van Tilburg en Dorly Deeg kon hij snel zijn weg vinden binnen de epidemiologie, dat leidde tot zijn promotie (cum laude) in 1996.
Indrukwekkende loopbaan
Na een aantal succesvolle jaren in de kliniek, het onderzoek én als opleider bij GGZ inGeest / Buitenamstel en VUmc, werd Beekman in 2003 benoemd tot hoogleraar. Van 2007 tot 2024 was Beekman afdelingshoofd Psychiatrie bij VUmc. “Het mooiste dat mij is bijgebleven? De staf. Het is zo belangrijk dat je een sterke vakgroep met elkaar kunt bouwen,” blikt hij terug.
Proactieve Psychiatrie
In zijn afscheidsrede staat ‘proactieve psychiatrie’ centraal. “We moeten zorgen dat we proactief naar de ontwikkeling van ziekte kijken. Op groepsniveau weten we erg veel, maar op individueel niveau is dat veel ingewikkelder,” aldus Aartjan Beekman. Net als in de oncologie vraagt de psychiatrie om een actieve benadering: hoe verloopt een aandoening, wat betekent het voor de patiënt, en hoe kunnen we ziekte voorspellen en voorkomen? Epidemiologisch onderzoek is daarbij onmisbaar; het levert waardevolle data voor preventie en beleid.
Vrijheid, Verwondering en Verandering
Proactieve psychiatrie gaat gepaard met drie kernwaarden van Beekman: vrijheid, verwondering en verandering. “De individuele verschillen van patiënten in de psychiatrie is onvoorspelbaar en grillig. Juist om die reden zijn deze drie waarden zo belangrijk om aan vast te houden,” zegt hij. Vrijheid gaat over het bevrijden van patiënten van hun stemmingsstoornissen. Verwondering gaat over het herstel van de patiënt, Beekman: “Ook ik ben nog vaak verwonderd over hoe de patiënt is opgeknapt, dat blijft bijzonder.” Verandering gaat over het verloop van de ziekte en de weg naar herstel.
De toekomst van het ambacht
Beekman beschrijft de psychiatrie als een ambacht: de verbinding tussen kennis en persoonlijk contact: “Het contact met het individu moet plaatsvinden in de ‘gedeelde ruimte’ waar persoonlijke aanpak en autonomie centraal staan.”
Over de toekomst zegt hij: “De ambachtelijke kant van ons werk zal altijd belangrijk blijven. Heb respect voor de algemene principes van ons ambacht, dat gaat niet veranderen met kunstmatige intelligentie of andere technologie. Houd die gedeelde ruimte vast, dat is het allerbelangrijkste.”
Na een prachtige carrière in de psychiatrie blijft Beekman vol passie over zijn vak: “Je hebt verwondering nodig om dit ambacht 40 jaar uit te voeren. En je moet ervan houden.”

Aartjan Beekman ontving de onderscheiding ‘Officier in de Orde van Oranje-Nassau’ tijdens zijn afscheidsrede vanwege zijn verdiensten.
