Promotie Eline Eigenhuis: “Ik hoop dat mijn onderzoek bijdraagt aan een betere prognose voor mensen met angst- en depressieve stoornissen”
Op 13 mei promoveerde klinisch psycholoog en onderzoeker Eline Eigenhuis aan de Vrije Universiteit Amsterdam. In haar onderzoek staat centraal hoe we de prognose voor mensen met depressie en angststoornissen kunnen verbeteren.
Waarom dit ertoe doet
Veel mensen met depressie en angst krijgen geen behandeling of zoeken pas laat hulp. Tegelijkertijd komt terugval vaak voor en leiden bestaande behandelingen niet altijd tot volledig en blijvend herstel.
De belangrijkste inzichten:
- Jongeren met depressieve klachten zoeken vaak laat hulp door schaamte, een gebrek aan kennis over mentale gezondheid en lange wachttijden. Daardoor blijven klachten onnodig lang bestaan en wordt de kans op verergering groter.
- Het meenemen van patiëntvoorkeuren vergroot tevredenheid en therapietrouw, maar leidt niet tot betere resultaten op klachtniveau na behandeling bij angst en depressie.
- Ook milde persoonlijkheidskenmerken, zoals moeite met emotieregulatie of instabiele relaties, vergroten de kans op het ontstaan en terugkeren van depressie.
- Interventies zoals geheugenspecificiteitstraining en groepsgerichte schematherapie zijn haalbaar en veelbelovend voor therapieresistente angst- en depressieve stoornissen.
Wat wil je behandelaren meegeven?
Eline: “Wat ik collega’s in de ggz, en zeker ook professionals in het sociaal domein, op onderwijsinstellingen en bij werkgevers wil meegeven, is dat we eerder moeten kijken naar kwetsbaarheidsfactoren en signalen van psychische klachten, zodat mensen tijdig passende zorg krijgen en we erger kunnen voorkomen. Daarnaast kunnen we met meer aandacht voor kennis en bewustwording stigmatisering verminderen en hulpzoekgedrag stimuleren. Ook is het belangrijk om beter aan te sluiten bij de voorkeuren van de patiënt, wat kan zorgen voor een hogere therapietrouw en tevredenheid.”
“Daarnaast laat mijn onderzoek zien dat het zinvol is om in de casusconceptualisatie ook (subklinische) persoonlijkheidsdimensies en andere kwetsbaarheidsfactoren mee te nemen. Wel blijft het uitgangspunt dat we bij angst en depressie eerst evidence based en richtlijngetrouw behandelen, en dus niet direct persoonsgericht gaan werken. Pas als klachten onvoldoende verbeteren of terugkeren, is het belangrijk om breder te kijken naar factoren die het beloop beïnvloeden. Er is nog meer onderzoek nodig om beter te begrijpen wat voor wie werkt, zodat behandelingen in de toekomst nog gerichter kunnen worden afgestemd op individuele kwetsbaarheden en behoeften.”
Impact voor cliënten
Eline: “Ik hoop van harte dat mensen met angst- en depressieve stoornissen gemakkelijker goede en efficiënte zorg kunnen vinden. Angst en depressie zijn stoornissen met een wisselend maar vaak slecht beloop (veel terugval, chroniciteit) en heeft een grote impact op individuen en de samenleving. Ik hoop dat mijn onderzoek een klein stukje bijdraagt aan een betere prognose voor deze patiëntengroep.”
Meer informatie over het onderzoek en de pdf-versie van het proefschrift is te vinden op de website van VU Amsterdam.
