psychose

‘Ik hoor al heel lang geen stemmen meer’

Michiel had stemmen in zijn hoofd die hem vertelden dat hij moest gaan zwerven. Hij werd opgenomen in een kliniek. Later kreeg hij thuis iedere dag hulp. Nu heeft Michiel genoeg aan af en toe een gesprek met zijn therapeut.

shutterstock_429997315 ervaringsverhaal Rob

“Toen ik in de twintig was, had ik stemmen in mijn hoofd”, vertelt Michiel. “Die stemmen vertelden me dat ik op pad moest. Ik heb jaren lang gezworven in Europa. In Frankrijk en Italië hebben ze me een paar keer gedwongen opgenomen. Toen ik terug was in Nederland, kwam ik in een kliniek. Daar heb ik een half jaar gewoond. Ik was heel boos in die tijd. Ik wilde daar niet zijn.”

Uit de psychose met medicijnen

Michiel kreeg in de kliniek medicijnen. Daardoor hielden de stemmen in zijn hoofd op. Hij kon toen begeleid gaan wonen. “Daar ontmoette ik Ronald, die was begeleider. Overdag ging ik naar het DAC, het dagactiviteitencentrum. DAC heet nu Roads en daar zit ik nog steeds. Ik kook er twee keer in de week. Koken is een hobby van me. Bij begeleid wonen was iedereen blij als ik de kookbeurt had.

Verder ben ik bezig met kleding maken. Mijn moeder maakte al haar kleding zelf, misschien dat ik het daarom leuk vind. Ik ben op naailes gegaan en ik heb diploma’s gehaald. Nu help ik mensen met broeken inkorten en knopen aanzetten.”

Gesprekken als opfrisser

Intussen had Michiel zijn eigen huis gekregen. Hij kreeg daar iedere dag hulp van het team van F-ACT. F-ACT is speciaal voor mensen met zware psychische problemen. “Na een paar jaar had ik minder hulp nodig. Ik kon naar de basis-ggz. Dat is voor mensen met lichtere problemen.

Ik kwam bij Spaarnepoort en zag Ronald. Hij was hier gaan werken als therapeut. Ik zei: Hey, we kennen elkaar! Nu heb ik iedere zes weken een gesprek met hem. De gesprekken zijn voor mij een opfrisser. Het is goed om even te kletsen over hoe de dingen gaan.”

Dingen die wel en niet helpen

Toen Michiel net bij Ronald kwam, deed die met hem Yucel. Yucel is een doos met blokken waarmee mensen laten zien wat wel en niet goed gaat. “Onderin zetten we de stevige blokken. Ze staan voor dingen die me helpen in m’n leven. Bij mij zijn dat er 3: Roads, medicijnen en contact met mijn familie en vrienden. Bovenop kwamen blokken die staan voor de dingen die juist niet helpen. Dat zijn bij mij stress en hoogtevrees.

Hoogtevrees is het grootste blok. Ik heb therapie daarvoor gehad, maar het heeft niet gewerkt. Ik ben nog steeds bang voor hoogtes. Logeren bij mijn ouders vind ik lastig, omdat daar een steile trap is. Vooral naar beneden gaan is moeilijk. Door Yucel is dat nu duidelijk. Ze kunnen wel zeggen: ‘Je hebt psychoses’, maar dat is maar een klein deel van wie ik ben. Nu zie ik beter welke dingen me wel en niet helpen.”

Een stap vooruit

Bij F-ACT stond er altijd een heel team voor Michiel klaar, bij de basis-ggz is dat alleen Ronald. Michiel vindt dat prima. “Eigenlijk is het een stap vooruit. Omdat het goed met me gaat, kon ik naar de basis-ggz. Af en toe een gesprek is genoeg voor mij. Als er tussendoor iets is, mag ik altijd bellen. En als ik weer psychotisch word, kan ik direct weer naar F-ACT. Dat is fijn om te weten.”

Het gaat dus goed met Michiel. Toch is hij nog steeds wel eens bang voor een terugval. “Maar ik heb al 23 jaar geen psychose gehad. Dat zei een vriend laatst tegen me. Ik had het zelf niet eens door, maar het is inderdaad zo.”

Michiel is niet zijn echte naam.