Ouderen zijn de snelst groeiende groep van alle mensen met schizofrenie. In Nederland zijn er zo’n 20.000 zestigplussers met schizofrenie, over twintig jaar zijn dit er ongeveer 30.000. Psychiater Paul David Meesters bestudeerde het functioneren van 131 zestigplussers met schizofrenie. Hij promoveert op 15 september bij VUmc. VUmc en partner GGZ inGeest werken intensief aan een integraal aanbod van en onderzoek naar somatische en psychische zorg.
De resultaten van het onderzoek van Meesters pleiten voor een genuanceerde visie op ouderen met schizofrenie. Schizofrenie blijkt ook op oudere leeftijd frequent voor te komen.
In een aantal opzichten verschilt de groep oudere patiënten duidelijk van jongere patiënten. Zo zijn zowel vrouwen als patiënten met een late beginleeftijd van de aandoening sterk vertegenwoordigd. Psychotische symptomen (wanen, hallucinaties) zijn bij een meerderheid van de patiënten actief aanwezig, maar er is ook een redelijk aantal patiënten dat in symptoomremissie is. De cognitieve prestaties van patiënten (zoals geheugen) blijven duidelijk achter bij die van gezonde leeftijdsgenoten.
De behoefte aan zorg blijkt bij deze patiëntengroep aanzienlijk en is divers van aard, samenhangend met zowel de psychiatrische aandoening als met het ouder worden. Er is een sterk verband tussen het aantal onvervulde zorgbehoeftes en de ervaren levenskwaliteit. Vooral zorgbehoeftes op psychosociaal terrein (gezelschap, activiteiten) kennen lacunes. Oudere patiënten zouden meer moeten kunnen profiteren van het aanbod aan rehabilitatie en psychotherapie, dat voor jongere patiënten al beschikbaar is. Verder is het nodig om dagactiviteitencentra en specifieke woonvoorzieningen snel uit te breiden.